10-daagse tour door Mongolie
Geplaatst op apr 9, 2010 in Ulaan Bator, MongoliaDag 1, 31 maart 2010; overnachting in Kharkorin
Hieperdepiep hoera! Peet heeft besloten zijn verjaardag nog twee maanden uit te stellen, totdat we in Thailand met de papa’s en de mama’s zijn. Dus vandaag doen we net of er niets aan de hand is… We zijn vanochtend vroeg opgehaald bij ons hotel. We waren blij dat we daar weg konden, want voor de zoveelste keer was het lawaaiig gedurende de gehele nacht en was het sanitair echt zo smerig dat we na het douchen niet echt opgefrist waren. Als je van plan bent om naar Ulaanbator te gaan, vermijdt dan het Negdelchin hotel!
De kennismaking met “onze” chauffeur, zijn assistent en de kok/gids was heel prettig. Wij hebben gedurende deze tour een held achter het stuur, want onze chauffeur heet Suhkbaatar (betekent held!), afgekort Baatar. Hij spreekt het overigens uit als Butter, wat wij dan wel een vreemde naam vonden bij het voorstellen… Onze gids/kok/tolk heet Solonge, wat regenboog betekent, maar we noemen haar Soggy. Hoe de assistent van de chauffeur heet, weten we na 3 dagen nog niet, omdat hij alleen maar als assistent aangeduid wordt, haha. We hebben het zo luxe; een heel busje (zie foto) voor 5 personen! Wij kunnen dus liggend vervoerd worden!
We hebben zulke fantastische landschappen gezien! Hoogvlaktes vol schapen, koeien, paarden, yaks en kamelen. En we hebben ook al adelaars en gieren gezien. Voor de gieren is het nu een Luilekkerland, want overal liggen karkassen in diverse stadia van ontbinding. We hebben vier seizoenen in een dag gehad; mist, sneeuw, zon wisselden elkaar af. En voor de motorrijders in Nederland; wat nou de motor in de schuur in de winter…Je bind gewoon een schapenvacht op je stuur en doet een warme jas aan en een bivakmuts op (geen helm natuurlijk) en je kunt gewoon de hele winter doorrijden.
Voor de lunch werd de bus ergens aan de kant gezet en hebben wij buiten een ijzige wind getrotseerd terwijl Soggy op een gasstelletje in de bus een heerlijk maaltje bereidde. Toen het klaar was moesten wij voorin de auto gaan zitten om het als prins en prinses op te eten! We hebben een boeddistisch klooster bezocht in Kharkarin. Het is nu een museum, dus we hebben er geen monniken gezien, alleen maar een gehaaste gids die ons 20 minuten voor sluitingstijd met moeite nog een rondleiding gaf. We hadden entree betaald, maar toen Peet in een van de drie tempels een foto wilde maken, snauwden ze dat we dan meer moesten betalen; outside is free, inside is pay! We overnachtten in Gaya’s guesthouse, waar wij samen met Soggy in de gast-ger sliepen. Soggy slaapt liever bij ons dan bij de snurkende Bataar. Na wat Mongoolse kaartspelletjes zijn we heerlijk in slaap gevallen!
Dag 2, 1 april 2010; Overnachting bij de Orkhon waterval
Na ons ontbijt van cornflakes en melk zijn we de berg opgegaan waar we een schildpadsteen hebben bekeken. We hadden daarvandaan ook uitzicht over Karkharin, nu een viezige stad, maar ooit de hoofdstad van Mongolië. Er staat nog een hele grote kaart, met daarop aangegeven hoe groot het rijk van Djengis Khaan ooit was. Indrukwekkend dat in die tijd (per paard) zo’n groot oppervalk veroverd was door 1 volk. Hierdoor is Djengis Khaan in Mongolië een zeer grote held, maar je hoort vooral zijn naam, want verder is er weinig terug te vinden. Ook in Kharkharin zien we eigenlijk niets.
Na een aantal uur rijden, diverse malen moesten we anders rijden doordat de weg niet begaanbaar was, kwamen we aan bij de waterval. Onderweg hebben we genoten van Mongoolse smartlappen, luidkeels meegezongen door onze staff, geweldig! Eenmaal aangekomen; geen waterval te zien…wel prachtig weer! Nog geen tien minuten na aankomst zaten we op een paard. Jammer dat het paard van Peet liever lui was als moe; niet vooruit te BRANDEN! Na een klein uur waren we weer terug bij onze ger, die we ditmaal deelden met een Zwitser en een Pool. Gezellig om weer eens ‘gewoon’ Engels te spreken! Voor het eten zijn we een stuk gaan wandelen en hebben we de bevroren waterval ontdekt. Prachtig! Na enkele foto’s zijn we op handen en voeten naar beneden geklommen om de waterval van onderaf te bekijken. Ook zijn we een stuk de kloof in gewandeld waar we hebben genoten van een mooie zonsondergang.
Dag 3, 2 april 2010; Overnachting in Arvaikheer
Vandaag zijn we een maand op reis! Als we terug denken aan hoeveel we al gezien hebben, lijkt het al zoveel langer! De verzorging tijdens deze trip is zo luxe; er wordt 3 keer per dag heerlijk voor ons gekookt en we mogen niets doen om te helpen. Onderweg delen we allemaal lekkers met elkaar, waardoor we ook al Mongoolse snacks geprobeerd hebben, zoals gedroogde yoghurtstaven. Die zijn zo hard, dat het je bijna een kies kost om ze op te eten, maar je doet er wel lekker lang mee… Soggy gaat zelfs zo ver in het bemoederen dat ze ons ’s avonds lekker instopt. Zonder nachtzoentje, dat dan weer wel….
Deze morgen zijn we een heel stuk dezelfde kant terug gereden. Na een uurtje zagen we een auto/ truck tot aan zijn motorkap door het ijs gezakt. Aan de oever stond een andere truck om deze auto te helpen. Peet riep nog: ‘ze hebben hulp nodig’, maar onze chauffeur reed er zonder blikken of blozen voorbij om via een andere weg aan de overkant te komen. Eenmaal aan die overkant zagen we dat de auto nog steeds in het water stond. Deze mensen waren de nacht ervoor vast komen te zitten en steeds verder in het water gezakt. Ons busje (Russische makelij) heeft zich ervoor geworpen en na wat ijsbreken met een boomstam, (Go Peet!) werd de truck na een kwartier uit het water getrokken. Moet je je voorstellen; je hebt de afgelopen 7 uur met je poten in het ijs aan je truck staan sjorren, je hele handel ligt naast de truck te bederven en als je dan eindelijk gered bent, wordt je door de redders recht in je gezicht uitgelachen omdat de binnenkant van je truck een meter ijs bevat. Sneu he? Het is jammer dat we niet kunnen beschrijven hoe mooi het landschap is waar we door rijden. De foto’s geven het wat ons betreft ook niet goed genoeg weer. We moeten het maar doen met de beelden in ons hoofd! Overigens zien we ook een hoop troep, rondom de dorpen tref je enorme vuilnisbelten aan. De dorpen zelf zijn ook echt smerig; modderige “straten” vol troep en overal dode beesten en vretende honden. Wij gruwelen al bij het idee hoe het hier hoogzomer ruikt.
De overnachting was in een dergelijk dorp; wel in een ger, want stenen gebouwen zie je niet heel veel. We hebben gedoucht in het lokale badhuis, bij de gers is geen stromend water, dus dit is voor het gehele dorp de enige douchegelegenheid. We waren ook nu niet de enige toeristen. De familie bij wie we logeerden hebben een gastger met 5 bedden, die al bezet was door andere toeristen van dezelfde organisatie als waar wij mee reisden. We herkenden de Franse jongen en het Nederlandse stel uit de trein, dus hebben gezellig bij gekletst. Wij doen de route door de Gobi tegengesteld, dus we konden gelijk wat tips uitwisselen. Wij sliepen in de ger van de zoon en schoondochter, samen met een Frans stel en onze en hun gids. Volle bak, dus. Het toilet bij deze familie was al enige tijd niet leeggeschept, dus de toren poep kwam er bijna uit… Hé fijn!
Dag 4, 3 april 2010; Overnachting bij de hoge zand duinen
Vandaag hadden we een hele lange rit; we vertrokken om 9 uur en waren tegen 19 uur pas op bestemming. Onderweg hadden we een paar keer het idee dat we verdwaald waren, maar dit werd ontkend. Soggy spreekt nog niet zo heel goed Engels, waardoor we soms hele grappige uitleg krijgen. Zo reden we door een vallei vol zwarte stenen; “These Rocks are from firemountain goes boem”. En toen ze muziek op haar gsm liet horen duurde het even voordat we begrepen welke band ze nou bedoelde met Nicolas Bag. Het is lastig communiceren en inmiddels zijn we er ook achter dat als ze ons niet begrijpt of niet weet hoe ze iets moet zeggen, ze het dan maar met “maybe” afmaakt. “Will you sleep in the Family-ger or in our ger tonight?” “Maybe”. What time do we leave tomorrow? “Maybe”. Do we have time to go for a walk before dinner? “Maybe”.
Het was onze eerste kennismaking met de Gobi-woestijn en die ziet er eigenlijk heel anders uit dan wij gedacht hadden. Wel kamelen, maar verder vooral alleen maar steentjes en alles is dezelfde kleur donkergrijs. We reden door een hele smalle kloof met veel bochten en verder vooral veel eindeloze vlakten. Tijd om te dommelen, dus. Toen Bataar een kudde gazelles spotten ging hij erachter aan, om te kijken wie er sneller was; die gazelles of zijn busje. De gazelles wonnen! Omdat we zo laat aankwamen was er niet veel tijd meer om de duinen te bekijken, dus hebben we vooral foto’s gemaakt van de zonsondergang. De familie bij wie we overnachten woont een kilometer bij hun twee gastgers vandaan, maar de gastvrouw kwam de maaltijd gewoon lopend brengen; een emmer vol noodles. En het was lekker!
Dag 5, 4 april 2010; overnachting in Bayan Zag.
Vrolijk Pasen! We dachten aan de heerlijke en gezellige paasbrunch in Haarlem. Ons ontbijt bestond in eerste instantie uit zure melk met cornflakes, snel ingeruild voor boterhammen met jam en thee met rozijnencakejes. Omdat we vandaag maar 150km hebben gereden, konden we de ochtend rustig aan doen. En dat was heel fijn, want het was heerlijk zonnig en warm! Wat een genot! We denken dat het wel 15 graden was. De boxjes van de I-pod kwamen goed van pas. Om 10 uur, toen waren wij al 2 uur op, vond Soggy het tijd werd dat Baatar en zijn assistent wakker werden. Zij sliepen in de andere gast-ger. We hebben van alles geprobeerd; roepen, kloppen, fluiten, in de handen klappen….het gesnurk ging gewoon verder. Uiteindelijk lukte het met ons deuralarm (hele hoge en harde giltoon!). Toen zij de restjes noodles van gisterenavond opgegeten hadden gingen we met het busje naar de zandduinen. Waarom zou je die kilometer lopen als je ook gereden kunt worden, haha? Hijgend zijn we naar boven gelopen en daar hebben we een hele fotosessie gedaan. Peet is uitgedaagd voor een potje sumoworstelen en heeft ze natuurlijk allebei laten winnen… Het was voor ons gek om in de duinen te staan, zonder de zee te zien! We hebben bij onze gastfamilie kamelenyoghurt geproefd (dik en zout) en gefermenteerde kamelenmelk gedronken (zoute sauermilch).
Na de lunch zijn we hobbelend en bobbelend verder gereden. We reden door een grote kloof, waar we berggeiten zagen, over eindeloze vlaktes steen en zand en langs enorme kuddes paarden. We hebben weer met een gazelle geracet en dit keer wonnen wij! De ger waar we overnachten staat tussen indrukwekkende, rode rotsformaties. Hier zijn veel dinosauriërbeenderen gevonden en ook eieren, waardoor de theorie dat dinosauriërs eieren legden bewezen werd. We werden ontvangen in de familieger met zoute thee. Je moet denken dat het bouillon in plaats van thee is, dan is het best lekker. We kregen ook een snuifje aangeboden uit een klein flesje, het rook naar wierrook. Wij hebben er aan geroken, maar de anderen stopten er een beetje van in hun neus! Daarna hebben we een wandeling gemaakt naar een van de grotere rotsformaties, steeds in gezelschap van een van de honden van de familie. Het eten wordt ’s avonds steeds bereidt door de gastfamilie, soms samen met Soggy. Vanavond duurde het wel tot 21 uur voor het eten klaar was, de familie was meer geboeid door het nieuws op tv (midden in de woestijn met een schotel en een aggregaat gaat dat best!), dan onze knorrende magen. Het parlement schijnt te gaan vallen, komt ons dat toch bekend voor!
Dag 6, 5 april 2010; overnachting in Dalandzagad
Vandaag was een actieve dag! We zitten net een kwartier in ons nieuwe onderkomen voor de nacht en we hebben in die tijd ook al de avondmaaltijd naar binnen gewerkt! Het was wederom erg lekker. We waren van te voren gewaarschuwd dat het voor een (bijna-)vegetarier niet te doen is om goed te kunnen eten in Mongolië, maar wij hebben echt elke maaltijd genoten. Geen probleem als je er maar vooraf om vraagt.
We begonnen de dag met een ritje op een kameel. Dat betekende ongeveer drie kwartier zacht schommelend de woestijn door. Het decor kon zo uit een westernfilm komen, we hebben er in alle stilte van genoten. Al werd die stilte wel twee maal doorbroken door een reusachtige boer van onze kamelendrijver. Peet dacht de eerste keer dat het zijn kameel was, maar nee hoor! We hebben al gemerkt dat ze hier weinig gene hebben als het om lichaamsgeluiden gaat. Slurpen, boeren, rochelen… allemaal geen probleem. Wat ook heel gewoon is, is om met een lucifer je oor uit te baggeren en met diezelfde lucifer vervolgens je tanden te stoken. En dan schijnt het in China nog erger te zijn! We verheugen ons er nu al op.
Aan het einde van de rit op de kamelen, moesten we een flinke rots beklimmen, omdat ons busje daar boven al op ons stond te wachten. Met al onze bagage al keurig ingeladen! Wat hebben we het toch zwaar. Na een kort ritje stonden we midden in de woestijn stomend stil. Skanda zat voorin, maar moest plaats maken voor de assistent, omdat de motor (die tussen de bestuurders- en passagierstoel inzit) open moest. Even een kwartiertje sleutelen en daar gingen we weer! Ongeveer twee uur later kwamen we bij de volgende bestemming aan; Ice Valley. Hier troffen we weer een busje met toeristen van dezelfde organisatie aan. En daar zat ook weer een ‘bekende’ van ons in; een van de toeristen die misschien met ons mee zou gaan, maar afhaakte in verband met de duur van onze trip. De andere twee waren Oostenrijkers. We hebben even bijgekletst en zijn toen de Ice Valley gaan bekijken. Bataar had van de andere chauffeur gehoord dat de weg in de vallei maar gedeeltelijk begaanbaar was, maar dat was alleen maar een uitdaging voor onze held. Dus zijn wij helemaal tot het einde van de ‘weg’ doorgeploegd. Hotsend en botsend en onderweg nog even wat benzine bijvullen uit een tankje, maar dan kom je ook ergens. Bataar en Soggy bleven achter op de ‘parkeerplaats’ en wij zijn met Baihra (we weten eindelijk hoe de assistent heet!) verder de vallei ingelopen. Zo mooi! Eenmaal teruggekomen was de lunch klaar en konden we zo aanschuiven en opwarmen!
De volgende stop was een klein half uurtje verder rijden, bij de Ice Fall. Dit is een hele smalle kloof in het Altai gebergte waar ook midden in de zomer, als het overal loeiheet is, nog sneeuw en ijs ligt. Dit schijnt de enige plek op aarde te zijn, waar dit verschijnsel voorkomt. Bataar wist het busje nu zelfs nog óver de afzettingen van de parkeerplaats heen te rossen (moest wel even een beetje uitgegraven worden hier en daar…) waardoor we nu in plaats van 770m nog maar 400m hoefden te lopen. Eh, hoe zwaar hadden we het ook al weer? Het is wel een spectaculaire plek; smal en hoog en dan één grote ijsbaan! Wij hebben allemaal wel een keer languit gelegen, maar dat was alleen maar bevorderlijk voor de stemming. Aan het eind van de kloof was dan de bevroren waterval. Een enorme muur van ijspegels!
We begonnen vanochtend met veel wind en met een laagje sneeuw. Onderweg kwam er nog meer sneeuw bij. Eenmaal bij de Ice Valley brak de zon voorzichtig door en bij aankomst in Dalandzagad aan het einde van de middag was het volop zonnig. Bataar wist aan de kleur van de zonsondergang nog te vertellen dat het morgen ook mooi weer wordt. Wat een man; chauffeur, automonteur, gazellenjager, held en weerman in één!
Dag 7, 6 april 2010, overnachting bij de White Mountain
In Mongolië leven erg veel mensen in the middle of nowhere, maar waar we nu zijn is volgens ons ECHT in de midddle of nowhere. We zijn zojuist aangekomen bij een familie die leeft bij de ‘White Mountain, een witte rots en verder zo ver als je kunt kijken, niets! De rit van vandaag begon rond 11 uur, dus we konden lekker uitslapen! Na de lunchstop was het nog ongeveer 2 uur rijden. Onderweg stond er een harde wind en midden in de woestijn levert dat al snel een zandstorm op, wel erg gaaf om mee te maken. Onderweg zaten wij (Soggy, Skanda en Peter) op de achterbank met muziek in onze oren. Op een gegeven moment zaten we alledrie zo te genieten van onze muziek dat we onwijs zaten te swingen. Op dat moment hebben Skan en ik even een imitatie gedaan van de befaamde danskunsten van Yvon in de auto. Nou Kees, Lau en Frank: in de Gobi hoef je je daar niet voor te schamen, niemand ziet je tenslotte, haha!
We zijn net zeer hartelijk ontvangen door de familie met zoute thee en een soort van Mongoolse pannenkoek met suiker (lekker!). In deze ger leven drie generaties, oma is maarliefst 89 jaar oud en de kleinzoon is bijna 18 en moet deze winter voor een jaar het leger in. Nu schuilen we voor de keiharde wind (wát zei de weerman ook alweer??), en dus rondstuivend zand, in een kleine ger waar we op een matrasje op de grond slapen. Het is hier nu 26 graden in de ger, ongelooflijk hoe warm je het kunt maken met kamelenpoep.
Het is onmogelijk om de indrukken die wij krijgen van dit land te beschrijven of te laten zien met onze foto’s. Het is zo onwerkelijk dat je het ene moment op een grote zandvlakte rijdt en het andere moment de bergen in gaat, terwijl je 2 uur later door de sneeuw heen ploegt. Geweldig!
We denken veel aan iedereen thuis; pap zijn nieuwe baan, mam druk bezig met de financiën (van ons) en veel aan het kroelen met Madelief, papa en mama lekker een weekendje weg met tante Anneke en oom Wim (lazen we nu echt dat de Graafschap kampioen is?), zou Sas haar huiswerk wel braaf maken, hoe gaat het met Amira op school, hoeveel huisdieren heeft Hes inmiddels, is Rich zijn schouder weer oké, is Mika bijna keeper van het Nederlands elftal, heeft Rudy het naar zijn zin op z’n werk, Nel nog van harte, Pat en Ali druk met inpakplannen en verbouwen en natuurlijk goed smeren (Pat!!), hoe loopt de verbouwing in Frankrijk en zijn de eerste gasten vol enthousiasme huiswaarts gegaan, was Atreyu maar hier terwijl we op zoek gingen naar resten van Dino’s, zijn alle jongens in de klas van Eärendill al verliefd op haar, en heeft Ajax weer verloren Arnot, Wieb alles goed op school en werk, Rino hoe staat het met de vrouwen, Peet en Alex en kids alles goed daar in het noorden, Frank en Jolan lekker aan het kroelen met Levi, hebben Pat en Es het huis al verkocht, Lau al iets leuks gevonden, wat is het volgende uitstapje van Kees en Von… En ook denken we aan (en hebben we het over) de zware tijden die Claudia en Annet meemaken met alle kuren en de rot dagen die daarna volgen.
Dag 8, 7 april 2010, overnachting bij de White Mountain
Vandaag zitten we helaas vast bij onze overnachtingplaats van gister. De zandstorm is zo hevig dat we niet verder kunnen volgens Soggy. Dit zou worden vermeld op de radio… We zitten nog steeds in die hele kleine ger waar we op de grond slapen en niet rechtop kunnen staan, tevens staat er zo’n harde wind dat het stof en zand zo naar binnen wordt geblazen, fijn! Rond een uur of elf is het blijkbaar toch veilig genoeg om een kleine excursie te ondernemen (3 uur rijden heen en weer) naar rots tekeningen bij een verwoest klooster. Erg gaaf om dit te zien, en het waait daar ook erg hard, maar gelukkig breekt het zonnetje af en toe door. Jammer dat we verder geen info over deze plaats krijgen, zoals hoe oud die tekeningen zijn en wanneer het klooster verwoest is. Wij vullen het dan maar weer zelf een beetje in met de info uit de Lonely planet. Wat ons opvalt is het gemak waarmee deze (waarschijnlijk toch wel erg oude) tekeningen betast, bekrast en belopen worden. Niks hekjes eromheen of een andere vorm van bescherming. Alleen maar een roestig blauw bordje met een nummer ernaast. Op de terugweg rijden we langs de moeder van onze gast gids (bij deze meneer en zijn familie overnachten we) waar we hartelijk worden ontvangen met een kommetje Mongoolse thee en zout bladerdeeg. Na wat kletspraat, helaas kunnen we er niet aan deelnemen, rijden we het laatste stuk terug.
We hadden onze tweede overnachting liever ergens anders gekozen, maar het is helaas niet anders. Wat fijn is dat we de komende nacht in de grotere ger kunnen slapen, waar licht is en gewoon bedden staan.
Dag 9, 8 april 2010, overnachting bij de Rock Formation
We hebben een goede nacht gemaakt en zijn klaar om te vertrekken als Soggy verteld dat we na de lunch gaan rijden. Het waait nog steeds erg hard en kunnen dus niets buiten doen. Als Soggy onze ‘teleurstelling’ ziet wordt er besloten om om 11 uur te gaan rijden…YES! We rijden naar de White Mountain waar vanaf we een prachtig uitzicht hebben. Na snel een paar foto’s te hebben gemaakt, het is erg koud, gaan we verder richting de Rock Formation.
Na een paar uur rijden komen we hier om 17.00 uur aan. Het ziet er erg mooi uit en we gaan snel een stuk wandelen. We zijn het binnenzitten wel even zat. Het is erg leuk om over de rotsen te klimmen en te klauteren. Op een gegeven moment vinden we een heerlijk plekje in de zon en uit de wind, waar we genieten van de omgeving en de langzaam ondergaande zon.
Tijdens het eten krijgen we te horen dat we morgenochtend vroeg vertrekken. Omdat het laatste stuk naar Ulaan Bator erg slecht is met veel smeltwater, wil Bataar vroeg weg zodat alles nog bevroren is. Geen probleem natuurlijk. ‘Hoe laat’? Half 7, 7 uur, zegt Soggy… Wat nou vakantie! Om zes uur de wekker dus!
Dag 10, 9 april 2010
De tijd om wakker te worden bleek toch een grapje te zijn! Gelukkig niet om zes uur, maar om kwart over 5! Het lijkt alsof onze staff graag naar huis wil! Met gierende banden wordt de laatste etappe ingezet. Het valt al met al best mee met de kwaliteit van de weg en om 13.00 uur zijn we weer in Ulaan Bator. Na een lekkere lunch in ons favoriete café gaan we zorgen dat AL onze spullen gewassen zijn voordat we naar China vertrekken, bah! Tevens gaan we morgen (hopelijk) de treintickets naar Datong regelen en zoeken naar een goede overnachtingsplek daar.
We vinden Mongolië een prachtig land met zeer gastvrije mensen. Hopelijk gaat de overheid er voor zorgen dat er snel iets wordt gedaan aan het dumpen van afval. Het zou zonde zijn dat zo’n prachtig land binnen de kortste keren helemaal vol ligt met allerlei troep.
15:45
13:38
13:31
12:37
